dinsdag 17 maart 2015

Uit mijn doppen kijken

Ha! Eindelijk kon ik weer eens laten zien dat ik als tweelinker-handige man zo af en toe best mijn mannetje sta. Jongste Zoons dynamo deed het niet meer en dus moest er een nieuw dopje op. Ik weet namelijk wel twee dingen van een fiets en dit was er toevallig één van. Ik viste zo’n  dopje uit de tas met fietsbenodigdheden en commandeerde Jongste Zoon hiermee naar zijn dynamo. ‘Houd je kop goed bij je dop!’, riep ik niets te beroerd voor een flauwe woordgrap hem nog achterna. Even later was hij al weer terug. Hij kreeg het oude dopje er niet af. De slappeling. Ook zei hij nog iets over een ander systeem of zo, maar dat wuifde ik vastberaden weg. Tijd voor een patriarchaal ingrijpen. Voorwaar: een oud dopje van een dynamo afhalen, hoe moeilijk kon dat zijn? Bovendien had ik zoiets al vaker gedaan, toen bij mijn eigen fiets het licht doofde.
Het dopje, dat totaal geen reliëf meer had, wist ruimschoots weerstand te bieden tegen een man in de kracht van zijn leven, die daardoor bedacht dat versterking slechts zou kunnen worden gevonden in de keukenla. Gewapend met een keukenmesje en behept met aanzienlijk meer adrenaline dan gezond is wendde ik mij opnieuw tot de fiets. Met ongekende krachten wist ik het oude dopje ernstig letsel toe te brengen, maar het kreng bleef in weerwil van mijn masculiene superioriteit verkleefd aan de dynamo. Jongste Zoon stond erbij en keek ernaar en zou zichzelf niet zijn om mij ongevraagd enig goedbedoeld advies toe te vertrouwen. Het nut van zijn eerdere adviezen indachtig sloot ik, bijna gewoontegetrouw, mijn oren voor zijn gezwets en liet de ongetemde man in mij los. Inmiddels ontdaan van elke natuurlijke remming viel ik met ongecontroleerde, ja zelfs onbeteugelde kracht de dynamodop aan, totdat Jongste Zoons oudere broer, wiens naam mij nu met redenen omkleed even niet te binnen wil schieten, het toneel betrad. Die keek de zaak heel even aan en zei toen ongegeneerd: "Het dopje is er al vanaf pap, je molt nu de dynamo zelf." Opnieuw doofde mijn licht.

zaterdag 7 februari 2015

Een zekere gelijkenis









Het is een schande! 

Er is een dubbelganger geconstateerd van mij, 
de oud-leraar Duits de heer O. den Beste. 
Die O staat weliswaar voor Otto, 
maar het is voor u gewoon de héér den Beste, ja?

Maar wat ik zei: een schande is het! 
Iedereen die deze winter maar even een zogenaamd koddige muts over het hoofd trekt en een gestudeerde gezichtsuitdrukking aanneemt denkt blijkbaar een 'leuke persiflage' van mijn persoon te kunnen neerzetten. 

Hierbij teken ik officieel protest aan tegen dit goedkoop en lafhartig vermaak. Verboden moest het worden. Maar dat zal wel niet gaan lukken in dit land waar iedereen maar alles zegt en doet. 

Maar ik zeg dan dit:

Hoed u voor namaak!


Ach, was het niet Goethe die het al zei:

Es gibt Menschen, in denen man leben kann, ohne mit ihnen zu leben, und umgekehrt.





donderdag 29 januari 2015

Fruit

Helaas zijn voor onze puberpollen de dagen van het fruithapje voorgoed voorbij. Sinds ze op de middelbare zitten gaat er geen appel of mandarijn meer mee naar school, waaruit maar weer blijkt dat eerder behaalde successen geen garantie bieden voor de toekomst. De heren blieven geen fruit meer, dus moeten ze met zachte dwang worden geholpen. Eerst fruit, dan snoep, is nu ons motto. 

Het is echter vechten tegen de bierkaai. Hoe meer wij erop aandringen, hoe meer de vruchten der aarde worden veracht. Ook het aanlokkelijke geloofsinzicht dat we op weg zijn naar een land van melk en honing maakt tegenwoordig verdacht weinig indruk. Hun interesse gaat vooral uit naar de vleespotten, hoewel ze daarbij niet perse een voorkeur hebben voor Egyptische, hetgeen ons nog enige hoop verschaft. Het enige dat onze oudste nog een beetje te eh … pruimen vindt zijn druiven, kiwi’s en vooral bananen. Neem de volgende uitdrukking louter figuurlijk, maar hij heeft inmiddels zodanig de buik vol van appels dat hij zeker weet dat het een bewuste keuze was van de boze heks om Sneeuwwitje een appel op te dringen, en dat zelfs ook zonder ingespoten gif het arme kind tegen de vlakte zou zijn gegaan. Hij heeft met terugwerkende kracht alsnog erg met haar te doen. Voorts gelooft hij stellig dat de boom der kennis van goed en kwaad zonder enige twijfel een appelboom moet zijn geweest en dat we dus maar blij moeten zijn dat hij er een heilige afkeer van heeft ontwikkeld. Geloof en bijgeloof ontmoeten elkaar niet zelden in het vernauwde puberbrein.

Maar nadat ik onlangs weer eens de confronterende lat van vergelijking langs zijn fruitconsumptie had gelegd, had onze oudste zowaar goed nieuws te melden. Hij had die dag wel vijf stuks fruit achter elkaar op. Omdat het geloof nooit te veel kan verwachten vroeg ik verheugd wat hij dan allemaal had gegeten. Het waren vijf druiven geweest. Uit pure dankbaarheid hierover heb ik toen onmiddellijk een appeltje voor hem geschild.

zondag 11 januari 2015

maandag 29 december 2014

Een ernstig verzoek

De actie die werd georganiseerd door Serious Request voor vrouwen en meisjes die slachtoffer zijn geworden van seksueel geweld heeft dit jaar ruim twaalf miljoen euro opgebracht. Een prachtig resultaat.

Maar zullen we dan hierbij ook even afspreken dat alle gulle gevers aan die actie zich vanaf heden nooit (meer) zullen bezondigen aan porno of prostitutie? Zodat deze giften niet verworden tot een moderne vorm van aflaat en de gevers op de jongste dag niet als huichelaars zullen worden ontmaskerd? Of snij ik nu een onderwerp aan dat totaal niet aan de orde is?




woensdag 17 december 2014

Van slanke den tot Christusboom


Daar sta je dan, te pronken voor je nieuwe eigenaars. Jij die kort geleden nog zo mooi en fier overeind stond en zo vol van natuurlijke schoonheid was. Een en al leven, altijd buiten, alle weersomstandigheden trotserende. Hoe wreed lijkt er nu een einde aan je dagen te zijn gekomen. Hoezeer is je trots geknakt. Ondanks alle opsmuk, of juist daardoor, ben je slechts een schaduw geworden van wie je was en eigenlijk ook hoort te zijn.
Hoe is het zover gekomen? Eerst werd je met enkele grove en meedogenloze slagen ontworteld en kwam je daardoor ten val. Direct daarna werd je, bijna ontzield, opgepakt en ergens in een laadruimte gesmeten. Je werd uit je natuurlijke habitat gerukt en in onheilspellende duisternis vervoerd naar een onbestemde plaats. Daar werd je vervolgens gekneveld door een veel te strak zittend net van nylon die al je takken de levensruimte benam. Alsof je leven nog verder getemd diende te worden dan al was gebeurd. Alsof het nog niet genoeg was dat de aanvoer van je levenssappen je ruw was ontnomen. Je moest maar zien hoe je in leven bleef. Opnieuw werd je vervoerd, nog verder van huis, naar een hel verlichte plek, als ware het een bordeel waar je als handelswaar verkocht zou gaan worden. Je kreeg een label om je stam waarin je eigenschappen werden aangedikt en over je herkomst werd gelogen. Voor een paar tientjes wisselde je van eigenaar en werd je meegenomen naar een oververhitte plaats waar je kunstmatig recht overeind werd gezet en gehouden door een kruis in je bast te slaan. Vervolgens werd je bespottelijk aangekleed met ballen en lampen en slingers en een piek. Je voelde je vernederd en verkracht. Je voelde je als een hoer die opzichtig werd opgesmukt voor haar klanten. Even stond je in het middelpunt van de belangstelling. Maar uiteindelijk ging het helemaal niet om jou, zoveel was duidelijk. Net als bij een publieke vrouw wist men je naam niet eens en maalde men daar ook niet om. Als uiting daarvan werd er een spottend liedje over je gezongen waarin je nota bene een den werd genoemd.
Nadat het nieuwe er vanaf was werd je al gauw gewoontjes en nadat je de eerste tekenen van uitval begon te vertonen hoorde je hoe er werd gesproken over wat men verder met je zou aan moeten. Men wilde van je af, maar hoe? Terug naar het bos zou te duur zijn. Het zou sowieso al onmogelijk zijn om je opnieuw ergens te laten wortelen, zover was je al heen. Van verdriet vloeide er een druppel hars van je bast naar beneden. Niemand die het zag. En terwijl jij de doodstrijd voerde waren je wrede eigenaars bezig om zichzelf te vullen met copieuze maaltijden.
Ontworteld, ontvoerd, vernederd, verkracht, gekruisigd, tentoongesteld, verwaarloosd, verpieterd, uitgedroogd, en uiteindelijk (half) dood weggesmeten.  

Zo ben je geworden tot een ware Christusboom.
 
 
 
 

zondag 7 december 2014

Vervolg overheidscampagne Vieze Vaatdoekjes




Een overheidscampagne tegen vieze vaatdoekjes. Met als motto: elke dag even verschonen. Mooi.

Nu is het wachten op een vervolg vanuit christelijk hoek.

Een kerkelijke campagne tegen een vuil hart of geweten. Motto: elke dag even verschonen.

U weet wel waar.