maandag 24 maart 2014
Kat-en-hond-theologie
Een hond zegt:
Hij geeft mij te eten, aait me, houdt van me, hij zal wel God zijn.
Een kat zegt:
Hij geeft mij te eten, aait me, houdt van me, ik moet wel God zijn.
vrijdag 21 maart 2014
Wat is er mis met de wereld?
Eén van de kortste ingezonden brieven aan een tijdschrift in de geschiedenis,
was van G.K. Chesterton. Er stond:
Geachte heer,
In reactie op uw artikel "Wat is er mis met de wereld?" - dat ben ik.
Vriendelijke groet,
G.K. Chesterton.
dinsdag 18 maart 2014
Over goedheid en heiligheid
Goedheid houdt het maar even uit - heiligheid is levenslang.
Ravi Zacharias (uit: Jezus en de goden - 2009)
zondag 16 maart 2014
Over liefde en heiligheid
Een dodelijke misvatting die je in onze cultuur veel tegenkomt, is dat gewone liefde - dus liefde zonder heiligheid - het enige is wat we nodig hebben om de lasten en de lusten van het leven te doorstaan. Liefde kan alleen maar tot haar recht komen als ze verbonden wordt met heiligheid.
Ravi Zacharias (uit: Jezus en de goden - 2009)
Ravi Zacharias (uit: Jezus en de goden - 2009)
woensdag 5 maart 2014
Salomo in Nederland
Op een kwade
dag stapten twee vrouwen naar het paleis van de koning. Ze hadden een
hooglopende ruzie gekregen over het bezit van een kind en kwamen daar zonder
hulp niet uit.
Beide
alleenstaande en voordeurdelende vrouwen hadden bijna gelijktijdig een kind
gekregen. Maar het ene kind was plotseling doodgegaan en daarmee begon de
ellende, want de ene vrouw beweerde van de andere dat die haar dode kind ’s
nachts stiekem verwisseld had met háár levende kind. Beide vrouwen wilden
daarom dat de koning een uitspraak deed. Een uitspraak die zou leiden tot het
alleenrecht op de levende baby.
Maar de
geconsulteerde koning sprak bedroefd: ‘Ik mag daar geen uitspraak over doen. We
leven in een parlementaire democratie. De zaak moet worden voorgelegd aan de
bevoegde instanties.’
De vrouwen
liepen het paleis uit en stapten naar het parlement. Daar werden ze ontvangen
door de griffier die hun verhalen afzonderlijk van elkaar aanhoorde, notuleerde
en liet ondertekenen. Nadat de vrouwen zich hadden geïdentificeerd en de
verschuldigde leges hadden betaald, maakte hij van het verhaal een dossier aan
en verstuurde hij alle documentatie vervolgens respectievelijk naar de Raad
voor de Kinderbescherming, het Contactorgaan Eenoudergezinnen, het College voor
Jeugdzaken, de Toewijzingscommissie van het Ministerie, het Algemeen Fonds voor
Achterstandskinderen, het Centrum voor Minderjarigen, de Raad voor
Levensvraagstukken en de Zuigelingenzorg.
Ondertussen
werd het nog levende kind onttrokken aan de moeder en opgevangen in het
Gastverblijf van het Instituut voor de Weeskinderen.
Na een
wachttijd van veertien maanden kregen beide vrouwen een oproep van de Raad voor
de Kinderzorg, een instantie die was ontstaan na de fusie van de Raad voor de
Kinderbescherming, de Toewijzingscommissie van het Ministerie en het College
voor Jeugdzaken. Het betreffende dossier was echter zoekgeraakt tijdens de
verhuizing van de gefuseerde instanties naar hun nieuw gebouwde hoofdkantoor en
daarom moest met beide vrouwen opnieuw een intakegesprek gevoerd worden.
Vervolgens werden zij opnieuw op een wachtlijst geplaatst. Na nog eens acht
maanden wachten kregen beide vrouwen een nieuwe oproep. Helaas was de oproep
voor één van de vrouwen per abuis verzonden naar haar oude adres waardoor de afwikkeling
verdere vertraging opliep.
Het nieuwe
adres van de verhuisde vrouw bleek dat van een psychiatrisch ziekenhuis te zijn
waar de vrouw inmiddels permanent verbleef omdat ze gek was geworden van
verdriet om het verlies van haar bloedeigen kind. Later dat jaar stierf ze
zelfs van verdriet en werd het kind daardoor alsnog toegewezen aan de andere
vrouw. Die had al die tijd namelijk nooit last van verdriet gehad en gaf, naar
het oordeel van de bevoegde instanties, daarmee blijk van de nodige stabiliteit
die voor een opgroeiend kind van levensbelang zou zijn.
dinsdag 4 februari 2014
Zorginstelling
We willen graag dat Jezus onze Goede Herder is.
We willen graag dat Jezus onze Barmhartige Samaritaan is.
Maar willen we ook dat Jezus in alles onze Heer en Koning is?
We willen Jezus best zien als de Rots.
We willen Jezus best zien als de Leeuw.
Maar willen we Jezus ook zien als het Lam?
We verlangen ernaar dat Jezus ons begrijpt.
We verlangen ernaar dat Jezus voor ons zorgt.
Maar willen we hem ook volgen (waar hij ook gaat)?
We vinden het fijn
God de lof en eer toe te zingen.
We vinden het fijn
God aanbidden en hem te verhogen.Maar willen we onszelf daarbij ook voor hem vernederen?
We zoeken geborgenheid
te vinden in Gods armen.
We zoeken te schuilen
onder zijn vleugels.
Maar zijn we ook
bereid om zijn armen en vleugels te zijn?
We willen genieten van Gods genade en al zijn zegeningen.
We willen heel dicht bij hem zijn en ons door hem geliefd
weten.Maar willen we ook dichtbij anderen zijn wanneer die dat nodig hebben?
We geloven dat de straf is tenietgedaan.
We geloven dat de schuld is betaald.
Maar geloven we ook in het meelijden met de losser van die
schuld?
We weten dat God liefde is.
We weten dat Jezus ons zijn vrienden noemt.
Maar hebben wij God ook waarlijk lief?
zaterdag 1 februari 2014
Akelig waar (6)
Waar de verdeeldheid van de kerk uitgelegd wordt als veelkleurigheid moet - als logisch gevolg daarvan - de Heer dan ook maar gedankt gaan worden voor elk bestaand schisma.
Abonneren op:
Posts (Atom)

